Theatermaker

Feminisme en kunst

Ik ben een feminist. Dat wil zeggen, ik geloof dat zowel mannen als vrouwen gebaat zouden zijn bij een meer evenwichtige wereld. Een wereld waarin we niet meer geloven dat mannen gewelddadige beesten zijn en vrouwen onschuldige slachtoffers.

Ja, ik sta daarom altijd vooraan bij bh verbrandingen, maar nog belangrijker dan dat vind ik het om op te staan als er een norm wordt gezet. Als er dingen worden gezegd als: ‘ja, maar mannen zijn nou eenmaal niet zo gevoelig.’ Of: ‘ja, maar vrouwen zijn ook gewoon niet zo goed in leidinggeven.’ Het gaat voor mij mis wanneer iemand stelt dat A ‘toch gewoon zo is’.
Maar waarom is dit dan zo’n probleem? Dat is omdat daarmee een norm wordt gezet. Met de zin ‘ja, maar vrouwen zijn gewoon het beste in het huishouden’, zeg je dat het normaal is dat je als vrouw het liefst thuis zit en op die manier ook optimaal tot bloei komt. Mocht jij dan als vrouw niet het huishouden willen doen, dan wijk je af. Het is zeker niet onmogelijk om af te wijken, maar wij stellen onze sociale systemen (onderwijs, kinderopvang, rechten op de kinderen bij een scheiding) in op de normaal.

In deze zin hebben wij als samenleving (maar ook in kleinere configuraties als gezinnen) een hele hoop van dit soort normen. Ze zijn noodzakelijk voor ons, omdat de wereld anders veel te groot zou zijn, normen maken de wereld overzichtelijk. Het probleem ervan is dat ze zaken presenteren alsof ze natuurlijk zijn. Als je zegt dat iets ‘toch gewoon zo is’, stel je dat vrouwen zijn geboren met een set eigenschappen (waar de man niet of in mindere mate mee geboren is) die ze wel geschikt maakt voor het huishouden en niet voor andersoortig werk. Ik ben zelf van mening dat dit niet het geval is, omdat ik denk dat een verdeling van werk (waaronder ook huishouden valt) een sociale keuze is, die wij als samenleving bewust moeten maken en ook regelmatig moeten heroverwegen. En juist dit heroverwegen wordt bemoeilijkt wanneer een grote groep van de samenleving de norm in de taal die ze bezigt (‘ja, maar vrouwen zijn gewoon het beste in het huishouden’) en het daarmee impliciet (en zonder discussie) bevestigd.

Om kort te gaan, ik ben een feminist. Maar ook ben ik theatermaker. En als theatermaker wil je middels beelden bepaalde gevoelens, spanningen en ideeën overbrengen. En daar knelt de schoen, want vaak gebruik je voor dit soort beelden de hierboven genoemde gender-normen.

Zo speelde ik in de tweede week van september een voorstelling op het Amsterdam Fringe Festival; Ernem tot me dood. Een belangrijk thema in deze voorstelling was het verlaten. Het verlaten van de stad waar je bent geboren, het verlaten van je ouders, het verlaten van een eerste geliefde. Een actrice (Ayla Heier) heeft in deze voorstelling Arnhem gespeeld en wij zijn op zoek geweest naar wat dat verlaten dan is.

Maar het lastige (en tegelijkertijd het fantastische) van theater is dat het niet op zuivere en ingewikkelde ideeën-schema’s werkt, maar dat het altijd teruggrijpt op hele basale, menselijke gevoelens. In het geval van het verlaten werd het beeld dan ook al snel dat van een verlaten vrouw. En daarbij gebruik je dan als maker een veelvoud aan (gender-genormeerde) bijkomende beelden; dat de man bedreigend is voor de vrouw, dat de vrouw rancuneus is, dat de vrouw verdrietig is daar waar de man zich als sterk en rationeel opstelt. Al dit soort zaken zet ik doelbewust in omdat ze herkenbaar zijn voor mensen en basale gevoelens aanspreken waar veel mensen in hun leven mee te maken hebben. Het is een code die het publiek begrijpt.
Ze zijn echter herkenbaar voor mensen, omdat ze passen in binnen ons genormaliseerde beeld van gender. Een bange vrouw is herkenbaar, omdat het ons bevestigd in het beeld dat vrouwen inderdaad banger zijn dan mannen.

En dat is waar mijn gewetensnood ontstaat. Door al deze gender normen te gebruiken neem ik ze namelijk niet neutraal uit de samenleving, maar bevestig ik ze ook. Door een verdrietige, verlaten vrouw neer te zetten bevestig ik de norm van de zwakke, afhankelijke vrouw.
De oplossing voor dit probleem is echter nog helemaal niet zo gemakkelijk, en ik pretendeer op geen enkele manier een gepaste oplossing voor dit probleem te hebben. Wat ik zou kunnen doen is de volgende keer een man neerzetten in plaats van een vrouw. Het nadeel echter hiervan is dat je daarmee veel duidelijker moet zijn in wat je eigenlijk bedoeld (een van de lelijkste dingen die je in het theater kunt doen; uitleggen) omdat je publiek heel wat minder gemakkelijk de code die jij uitzend kan ontcijferen.
Daarnaast heb je ook nog eens het gevaar dat je voorstelling als thema gender krijgt. En nu is het op zich helemaal niet erg als een voorstelling als thema gender heeft, er zijn heel veel fantastische voorstellingen die daarover gaan, maar het is jammer als je voorstelling over gender gaat terwijl jij het eigenlijk over verlaten wou hebben.

Voorlopig ben ik er nog niet uit. Derhalve blijf ik de gender-normen maar wel gebruiken in mijn voorstellingen, omdat het theatraal gezien het beste is. Wat ik me echter wel heb voorgenomen is om voortaan bij al mijn voorstellingen feministen uit te nodigen om feministische kritieken te geven op wat ik maak. Wellicht dat de norm die ik daarmee in de voorstelling stel weer een beetje kan worden betwijfeld en heroverwogen.

One Response to Feminisme en kunst

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *